Trust everything

's-Hertogenbosch | Eindhoven | Amsterdam

Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandigheden onredelijk

30 september 2015

In onze laatste artikelen besteedden wij aandacht aan de tendens dat de rechter het boetebeleid van de minister steeds kritischer tegen het licht houdt. Met de uitspraak van 8 juli jl. houdt onze hoogste bestuursrechter vast aan deze lijn. Wat was er aan de hand?

De casus

Bij schilderwerkzaamheden op 4 meter hoogte had de werkgever onvoldoende leuningen aangebracht, waardoor valgevaar aanwezig was. De minister legde aan een werkgever een boete op van € 18.000 wegens overtreding van artikel 3.16 Arbobesluit. Deze boete was berekend aan de hand van de Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandighedenwetgeving (hierna: “de Beleidsregel”). Aan de daarin genoemde eerste matigingsgrond was volgens de minister niet voldaan. Vanwege het zogenaamde cumulatieve karakter van de matigingsgronden liet de minister de overige matigingsgronden buiten beschouwing.

De rechtbank zag echter aanleiding om de boete met maar liefst tweederde te matigen tot € 6.000. De minister ging tegen deze uitspraak in hoger beroep omdat hij vond dat de boete van € 18.000 een evenredige sanctie was.

Het boetebeleid

Uit het stelsel van de Beleidsregel (zoals die gold tot 3 september 2015)  volgt dat de matigingsgronden uitsluitend cumulatief tot matiging kunnen leiden. Dit houdt in dat eerst tot matiging kan worden overgegaan indien geheel is voldaan aan de (veelomvattende) opsomming van factoren in de eerste matigingsgrond. Daarnaast is toepassing van de tweede en derde matigingsgrond afhankelijk van de vraag of aan de voorafgaande matigingsgrond(en) geheel is voldaan. Dit leidt ertoe dat ook de boete aan werkgevers die aan een belangrijk deel van de eerste matigingsgrond hebben voldaan, niet wordt gematigd omdat zij niet hebben voldaan aan alle factoren van die matigingsgrond. De matigingssystematiek wringt nog meer voor de werkgever die daarbovenop wel heeft voldaan aan de tweede en/of de derde matigingsgrond. Ook in dat geval wordt de boete in het geheel niet gematigd. Aan deze werkgevers wordt dus dezelfde boete opgelegd als aan bedrijven die zich in het geheel niet hebben ingespannen om de overtreding te voorkomen.

Een tik op de vingers van de minister

De Afdeling haalt allereerst de door ons in een eerder besproken uitspraak aan waarin de bestuursrechter oordeelde dat het hiervoor besproken cumulatieve karakter van de matigingsgronden in de (oude) Beleidsregel 33 onredelijk is. Wel benadrukt de Afdeling dat de in de matigingsgronden genoemde factoren op zichzelf genomen relevant zijn om te bepalen of grond bestaat voor matiging van een boete.

Vervolgens overweegt de Afdeling dat het voorgaande ook geldt voor dematigingsgronden in de huidige Beleidsregel boeteoplegging. Sterker nog: de Afdeling constateert dat de matigingsgronden ten opzichte van de (oude) Beleidsregel 33 alleen maar strenger zijn geworden. Immers wordt nu bij de eerste grond voor matiging eveneens vereist dat de werkgever aantoont dat hij een veilige werkwijze heeft ontwikkeld die voldoet aan de vereisten van de Arbeidsomstandighedenwetgeving.

Nu het beleid op dit punt nog niet is aangepast aan de eerdere uitspraak van 6 mei jl., laat de Afdeling de gronden van de minister tegen de matiging van de boete geheel buiten beschouwing. Met andere woorden: zolang het boetebeleid van de minister onredelijk is, hoeft hij niet bij de hoogste bestuursrechter aan te kloppen omdat een lagere rechter een boete heeft verlaagd. Hiermee wordt de minister in niet mis te verstane bewoording op de vingers getikt.

Advies

Het boetebeleid van de minister houdt in veel gevallen onvoldoende rekening met de ernst van de overtreding en de verwijtbaarheid van de onderneming. Deze uitspraak geeft ook saneringsbedrijven houvast om Arboboetes succesvol bij de rechter aan te vechten. Die toetst vervolgens zonder terughoudendheid of de hoogte van de opgelegde boete passend en geboden is.

LXA The Law Firm heeft een succesvolle geschiedenis met betrekking tot het aanpakken van boetebesluiten. Wilt u meer informatie over dit onderwerp of advies over uw kansen op een succesvolle procedure tegen (de hoogte van) een opgelegde boete? Neem dan vrijblijvend contact op met onze specialisten op het gebied van asbest.

 

Meer weten?

Voor meer informatie over dit artikel kunt u contact opnemen met

Laatste artikelen in asbest

19 juli 2017

ASBESTREGELGEVING VANUIT RUIMTELIJK PERSPECTIEF

Recente onderzoeken benadrukken de gezondheidsrisico’s van asbestvezels. Dit leidt tot strengere regels en normen, steviger handhaven en daarmee samenhangende juridische vragen. Maar waar staan deze regels en normen? Wie moet hieraan voldoen? En op welke manier kan het bevoegd gezag handhavend optreden? In het tijdschrift ‘Praktijk Omgevingsrecht’ (PRO) geven mr. Peter Huijbregts en mr. Jelle Bekke, advocaten bij LXA The Law Firm, een praktisch overzicht.

Lees verder

17 juli 2017

SCHADE DOOR ONRECHTMATIGE STILLEGGING

Door een stilleggingsbesluit aan te vechten, kan een saneringsbedrijf zijn schade verhalen op de overheid en eventuele schadeclaims van derden afwentelen. Ook tegen de achtergrond van de zogenaamde 'schadebeperkingsplicht' is het voor dat bedrijf aan te bevelen om zich tegen een stilleggingsbesluit te weren. In een artikel dat verscheen in Asbestmagazine bespreekt mr. Jelle Bekke, advocaat bij LXA The Law Firm, de juridische kansen en valkuilen van een schadeclaim door een onrechtmatige stillegging.

Lees verder

10 juli 2017

ER ZIT ASBEST IN MIJN VER- OF GEHUURDE BEDRIJFSRUIMTE, WAT NU?!

Wie is er aansprakelijk voor de (gevolgen van de) aanwezigheid van asbest in een bedrijfsruimte: de verhuurder of de huurder?

Lees verder

Onze diensten

Heeft u een vraag? Wij helpen u graag verder. Neem contact op met een van onze specialisten.