Trust everything

's-Hertogenbosch | Eindhoven | Amsterdam

Voorkom schade door onterechte stillegging

15 januari 2016

Door een stillegging lijden saneerders vaak aanzienlijke schade. Om die schade te kunnen verhalen op de Staat, moet de saneerder het stilleggingsbesluit aanvechten. Hoe? Wij vertellen het u aan de hand van een praktijkvoorbeeld.

Saneringswerkzaamheden TR Ketelhuis in Eindhoven ten onrechte stilgelegd

Bij ernstig gevaar voor personen zijn arbeidsinspecteurs bevoegd saneringswerkzaamheden stil te leggen. Door een stillegging lijden saneerders vaak aanzienlijke schade. Dat ondervond ook asbestsaneerder Asbestverwijderings- en Milieutechniek Horyon B.V (hierna: Horyon). Om zijn schade te kunnen verhalen op de Staat, voerde LXA – The Law Firm namens hem een procedure tegen het stilleggingsbesluit. Hoewel dergelijke procedures zeer lastig zijn, krijgt Horyon van de hoogste bestuursrechter op alle punten het gelijk aan zijn zijde.

Artikel 28 Arbowet

Artikel 28 Arbowet bepaalt dat arbeidsinspecteurs bevoegd zijn werkzaamheden stil te leggen, indien naar zijn redelijk oordeel die werkzaamheden ernstig gevaar opleveren voor personen. Uit de woorden “naar zijn redelijk oordeel” volgt dat de arbeidsinspecteur een ruime vrijheid toekomt om te beoordelen of sprake is van ernstig gevaar. Bijvoorbeeld betekent het enkele feit dat achteraf gezien toch geen sprake was van ernstig gevaar, nog niet dat de stillegging onrechtmatig was. Het is dan ook vaste rechtspraak dat een stilleggingsbesluit door de bestuursrechter terughoudend (marginaal) wordt getoetst.

Wie een stilleggingsbesluit aanvecht, moet dan ook met goede juridisch argumenten komen. In het verleden waren bestuursrechter niet snel geneigd een stilleggingsbesluit te vernietigen. Dit heeft er wellicht toe geleid dat arbeidsinspecteurs de bevoegdheid tot stillegging van de werkzaamheden met groter gemak zijn gaan toepassen. De Raad van State heeft in de zaak over de oude TR Ketelhuis eisen gesteld aan de plicht van de arbeidsinspecteur om te onderzoeken of daadwerkelijk sprake is van (ernstig) gevaar voor personen.

TR Ketelhuis

De saneringswerkzaamheden in de oude TR Ketelhuis op Strijp-T in Eindhoven werden in totaal ruim 10 weken stilgelegd. De arbeidsinspecteur - die het werk naar aanleiding van een klacht van twee oud-werknemers van Horyon bezocht - was van mening dat ernstig gevaar voor personen aanwezig was. De klacht luidde dat de werknemers in aanraking zouden zijn gekomen met een onbekende (gevaarlijke) stof, mogelijk hydrazine.

Aan de hand van een aantal rapporten kon Horyon echter aantonen dat op het gehele terrein geen gevaarlijke stoffen meer aanwezig waren. Sterker nog: de aanwezigheid van hydrazine viel zelfs theoretisch uit te sluiten. De arbeidsinspecteur beriep zich echter op een exoneratieclausule in het rapport. Daarin stond dat het rapport geen garanties kan bieden over de afwezigheid van gevaarlijke stoffen. Om die reden stelde de arbeidsinspecteur zich op het standpunt dat de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen onvoldoende was uitgesloten.

De Raad van State

De Raad van State komt tot de conclusie dat het stilleggingsbesluit onzorgvuldig tot stand is gekomen. Het vermoeden dat gevaarlijke stoffen aanwezig waren, was alleen gebaseerd op een verklaring van oud-werknemers. Dat is volgens de bestuursrechter onvoldoende, ook omdat geen lichamelijk letsel is vastgesteld. Daarnaast was de Raad van State van oordeel dat de exoneratieclausule in het rapport niet betekent dat aanleiding bestaat voor twijfel aan de juistheid van dat rapport. Het betreft namelijk een algemene exoneratieclausule waarmee het inventarisatierapport civielrechtelijke aansprakelijkheid probeert uit te sluiten, aldus de Raad van State.

Advies

Stillegging van werkzaamheden kunnen grote (financiële) gevolgen hebben voor een opdrachtgever, maar zeker ook voor een saneerder. Denk daarbij aan het in stand houden van een containment gedurende de stillegging. Bij (grotere) sloopprojecten kunnen andere aannemers bovendien schade leiden wegens vertraging van de sloopwerkzaamheden. Die schade zullen zij proberen te verhalen op het saneringsbedrijf. Vecht de saneerder het stilleggingsbesluit niet aan, dan komt daarmee de rechtmatigheid van de stillegging – en daarmee tevens de ‘fout’ van de saneerder – vast te staan. Alleen door het stilleggingsbesluit aan te vechten, kan een asbestsaneringsbedrijf haar schade proberen te verhalen op de Staat en eventuele schadeclaims van derden met succes afwentelen. Ook tegen de achtergrond van de zogenaamde schadebeperkingsplicht is het voor een saneringsbedrijf aan te bevelen om zich tegen een stilleggingsbesluit te verweren.

De advocaten van LXA –The Law Firm hebben ruime ervaring met het aanvechten van stilleggingsbesluiten. Daarnaast hebben zij de nodige kennis in huis om geleden schade te verhalen op de Staat en eventuele schadeclaims van derden af te wentelen. Wilt u meer informatie over dit onderwerp of advies over uw kansen op een succesvolle procedure tegen een stilleggingsbesluit? Neem dan vrijblijvend contact op met onze specialisten op het gebied van asbest: Tim Segers, Peter Huijbregts en Jelle Bekke.

 

Meer weten?

Voor meer informatie over dit artikel kunt u contact opnemen met

Laatste artikelen in asbest

10 mei 2017

LXA SPREEKT OP PROVADA

Op 30, 31 mei en 1 juni 2017 vindt de grootste vastgoedbeurs in Nederland, PROVADA, plaats in de RAI te Amsterdam. LXA the Law Firm is hierbij aanwezig en zal op uitnodiging van de branchevereniging voor makelaars en taxateurs (VBO) op woensdag 31 mei een presentatie geven over de rol van de makelaar bij asbestvraagstukken.

Lees verder

9 mei 2017

DRINGEND ADVIES VAN DE RAAD VAN STATE: KIJK KRITISCHER NAAR BOETERAPPORTEN

De advocaat-generaal van de Raad van State heeft in een recent advies onderzoek verricht naar het bewijsrecht in bestuurlijke boetezaken. Zijn conclusie is dat strenger getoetst dient te worden aan boeterapporten. In de praktijk kan het dus lonen om een Arboboete aan te vechten.

Lees verder

25 april 2017

MAKELAARS: BLIJF OPPASSEN MET ASBEST

Bestaat er een zorgplicht voor een makelaar omtrent de aanwezigheid van asbest in een woning? In een uitspraak van de tuchtcommissie van de NVM wordt geoordeeld dat een makelaar geen verantwoordelijkheid heeft om asbest te herkennen. Betekent dit dat een makelaar geen zorgplicht heeft bij de bemiddeling van de verkoop van een woning omtrent de mogelijke aanwezigheid van asbest? Nee, dit is niet het geval.

Lees verder

Onze diensten

Heeft u een vraag? Wij helpen u graag verder. Neem contact op met een van onze specialisten.